Geert Wilders’ positie

Geert Wilders herroept niets, maar hij heeft een ijskast.
                       (Bijgewerkte versie)

Geert Wilders heeft onbehandelde voorstellen weggedaan, maar zijn verkiezingsprogramma voor later bewaard en in een ‘ijskast’ opgeborgen. Later, als hij de lakens zou kunnen uitdelen, weten we dus wat ons te wachten staat.
Hij moet het nu doen met de situatie van wantrouwen, onzekerheid, gebrek aan tijd, geld en ruimte om te bouwen, vervuilde grond en water, erosie van vele vormen van zorg en dienstverlening door het endemisch geworden personeelsgebrek.
Een toestand die door decennialang neoliberalisme is ontstaan en zo onhoudbaar is geworden dat zelfs de sluwe Rutte er geen gat meer in zag en schielijk verdween, met de nagalm van de uitroep dat cruciale veranderingen nodig zijn.

Dan is de situatie rijp voor het optreden van de sterke man, de populist die met een goed gevoel voor de gegroeide noden van het volk, met aansprekende oplossingen komt en in de verkiezingen een grote aanhang oogst, evenals twee andere partijen.
Dat klinkt mooi, maar de burger wordt niet geholpen want de plannen van sommige van die partijen sluiten niet aan op de realiteit.
De plannen van de populist stuiten af op de democratische orde, strikte wetten en geldgebrek; de partij die de boeren wil helpen komt vijftien jaar te laat omdat niet tijdig werd ingegrepen toen het nog betaalbaar was.
En de derde winnaar articuleerde vaag en schakelde weliswaar laat, maar weet drommels goed dat hij te maken zou krijgen met twee mogelijke (?) coalitiepartijen: één onbetrouwbare, plus één met onvoldoende kennis en inzicht in de achtergronden en oorzaken van de bestaande problemen in combinatie met geldgebrek.
De derde partner is intern dermate verdeeld dat geen consistent beleid uit die hoek verwacht mag worden.

De PVV/Geert Wilders, als handigste speler, kan de komende verkiezingen winnen doordat de burger nog steeds niet in de gaten heeft dat de oplossingen van de populist uit de lucht getoverd zijn. (Hij acteert in zijn eentje en laat zich door niemand wat zeggen; zijn enige remming ontstaat uit zelfreflectie).
Dat blijkt pas als hij aan de macht komt en mislukt. Vele andere populisten gingen hem in andere landen voor en moeten de inmiddels opstandig geworden bevolking met ruw geweld onderdrukt houden om de intussen gevestigde dictatuur staande te houden.
Nu we dit scenario op onze knopen kunnen aftellen, wordt het tijd om de diepere achtergronden en verbanden te bekijken.

Grondwet en kiesrecht

De Grondwet is bedoeld als de afspraak die we als burgers hebben gemaakt om te verankeren hoe we dit land inrichten en hoe we met elkaar omgaan en leven; en het kiesrecht hoort bij de waardigheid van de burger. Het stelt hem namelijk in staat om bij parlementsverkiezingen (en andere verkiezingen) zijn stem uit te brengen op de persoon die hem zal vertegenwoordigen bij het maken van wetten. Ik wil daar nog even bij stilstaan omdat het tegenwoordig niet meevalt om je een goed oordeel te vormen over de bestaande problemen en de juiste oplossingen daarvoor. En dan moet je iemand aanwijzen die de weg kent en ook een oplossing die je aanstaat. Van bevoegde zijde wordt er op gewezen dat wij als kiezers hierbij onvoldoende opletten waardoor de wetten ook niet echt werken zoals wij als burgers hoopten te mogen verwachten.
We moeten gewoon beter opletten; wie is wie en wat zegt’ie.
Deze zorg hoort bij het recht om bij verkiezingen te mogen stemmen en mag dan ook niet licht te worden opgevat.

Nieuwe Kamerleden beloven of zweren trouw aan de Grondwet. Dat betekent dat zij zich daardoor verplichten om te stemmen zonder last (Artikel 67 lid 3). Kamerleden moeten zich dus niet door anderen laten zeggen hoe zij hun stem dienen uit te brengen. Het stemrecht is een onvervreemdbaar recht en kan alleen persoonlijk worden uitgeoefend. Zij bevestigen dat bij de eedsaflegging bij het aantreden in de Kamer.

Als een groep burgers samen in de politiek wil optreden moeten zij dat doen door een vereniging op te richten. De ledenvergadering bepaalt op democratische wijze hoe de leden zullen stemmen, maar je mag daarvan afwijken (?), en als je dat vaak nodig vindt, stap je over naar een andere partij of je blijft een partijloze burger.

Het is overigens gebruikelijk dat een partij zich niet al te zeer bekommert over grensoverschrijdend gedrag in dit opzicht, echter met het gevaar van verlies van vertrouwen tussen partijbestuur en leden. Prof. Wim Voermans vergoelijkt dat in zijn handboek Onze Constitutie uit begrip voor coalities die voor de uitoefening van hun macht moeten kunnen rekenen op de stemmen-steun van hun leden en dan is enige druk op de leden logisch.
Daar is iets voor te zeggen omdat coalitiepartijen bestaan uit volledig rechtsbevoegde, officiële verenigingen die binnen hun eigen democratische structuur weloverwogen keuzes maken over het te voeren beleid.

De positie van Geert Wilders en zijn PVV

Maar deze redenering gaat niet op voor het Kamerlid Wilders die een informele groep van door hem uitgezochte potentiële Kamerleden  bijeenbrengt, die geen interne overlegstructuur heeft. Hij stelt zich op als onaantastbare leider en dicteert aan de volgers hoe zij moeten stemmen, met de sanctie uit de groep gegooid te worden als zij hem niet volgen. Hij stelt bovendien een Chief-Whip aan die controleert of de volgers de leider wel braaf volgen.
Dit type leider, dat op deze wijze een groep naar zijn hand zet, is wars van democratische organisaties en afspraken (zoals hijzelf ook zegt) en is slechts uit op eigen voordeel en macht en gebruikt daarvoor iedereen die in zijn fuik terecht is gekomen.
Het is duidelijk dat hier de waardigheid van het Kamerlid overboord gaat omdat hij zich bij het uitbrengen van zijn stem overgeeft aan het dictaat van de leider en daarmee zijn eed- of belofte van trouw aan de Grondwet schendt.

Wat hier gebeurt is misbruik van stemrecht omdat de uitgebrachte stem niet kan worden toegerekend aan die persoon die hem uitbracht maar afkomstig is van een lastgevende derde.
Deze stemmen zijn de echo van één persoon en tellen samen dus ook voor slechts één stem.

De functie van Wilders als ‘multiplier’ en referentie aan de geschiedenis

Wilders kan zichzelf met zijn echo-functie ongelimiteerd stemtechnisch ‘vermenigvuldigen’ en zodoende in de volgende verkiezing een Kamermeerderheid met volgers creëren.
Zodra hij in staat is het Kamerdebat en de Kamerbesluiten geheel naar zijn hand te zetten, zijn we in dezelfde situatie terecht gekomen als waarin de Weimar-Republiek in 1933 verkeerde. Het was de opmaat tot WO-II.
De Kamervoorzitter dient dan ook op te treden tegen deze vorm van stemmisbruik, waarbij opgemerkt moet worden dat dit in het algemeen lastig is aan te tonen.
Het kwam de heer Wilders dan ook goed uit dat zijn naaste medewerker en vertrouweling Martin Bosma, als Kamervoorzitter werd gekozen. De feiten dat de heer Bosma recent en openlijk met trots heeft verklaard dat hij als de Chief-Whip in dienst van de heer Wilders staat, en dat zij elkaar in hun politieke activiteiten niet kunnen missen, zijn kennelijk nooit goed tot de Kamer doorgedrongen.
En hiermee is de belangenverstrengeling van personen en taken         met haar onthutsende implicaties, duidelijk gemaakt.

Wat Wilders misschien minder goed uitkomt is dat in de Volkskrant (2024;10/2 pg:19) Sheila Sitalsing verslag doet van haar gesprek met twee afvallige PVV’ers die uit de benauwenis van de Tweede Kamerfractie hebben weten te ontsnappen en eindelijk vrijuit mogen praten. Zij melden dat Wilders’ woord wet is en een ijzeren fractiediscipline heerst. Als een PVV-Kamerlid spreekt, spreekt er geen volksvertegenwoordiger maar een afgezant van Wilders.
Al eerder verscheen in NRC (2024; 30/1 pg:10) het uitvoerige verslag van Sjors Nagtegaal en David Bosch van hun ervaringen bij de PVV, waarvan zij inmiddels afscheid hebben genomen. Redacteuren Rik Rutten en Philip de Witt Wijnen noteerden onder meer dat Geert Wilders geen partij leidt, maar dat de PVV een façade is met niets erachter. Ze zeggen: “Het is zo amateuristisch allemaal”.
Discussie met Wilders is niet mogelijk, want als je niet doet wat hij wil kan je je spullen pakken. Onderling contact via een onderlinge appgroep werd onmiddellijk verboden want alles mocht alleen landelijk geregeld worden.
Op de vraag of zij denken dat de PVV in staat is om straks mee te regeren geeft Bosch als antwoord: “Als er uit de formatie een zakenkabinet komt, misschien wel. Want ik zie gewoon niet gebeuren dat de PVV bewindspersonen kan leveren. Die zijn niet te vinden.” Nachtegaal voegt daar aan toe: “De VVD heeft in het huidige kabinet elf bewindslieden geloof ik. Dat zou de PVV dan als grootste partij nu ook moeten leveren. Dat is totaal onmogelijk.”

De democratische ramp is compleet als de club van Wilders een Kamermeerderheid zou krijgen en dit stemmisbruik nog zou bestaan.

Nu de strikt georganiseerde stem-dictatuur die de heer Wilders binnen zijn PVV-groep uitoefent, landelijk bekend is geworden, is het zonder meer de taak van de volksvertegenwoordiging om aan deze situatie onverwijld een eind te maken.
De positie van de heer Martin Bosma als Kamervoorzitter is onhoudbaar geworden door de belangenverstrengeling van zijn taak als Kamervoorzitter met zijn taak als Chief-Whip in opdracht van de heer Wilders.
Hij moet namelijk zorgen dat het stemgedrag van de volgers van de heer Wilders klopt met diens opdracht hoe er gestemd dient te worden. Dat komt neer op structureel stemmisbruik.
De noodzaak van het beëindigen van zijn functie, en eigenlijk ook van zijn Kamerlidmaatschap klemt temeer daar hij tevens de voorzitter is van het Presidium van de Kamer en uit dien hoofde niet vrij is in de manier van aanpak van deze onthutsende kwestie.

De situatie van nu verschilt sterk met die van de afgelopen periode waarin het betrekkelijk geringe aantal stemmen van de heer Wilders geen reden tot alarm was.
Die oude situatie kan echter geen grond opleveren voor beroep op continuering ervan.
Meer in het algemeen moet een beroep op een oud bestaand patroon stranden indien het intrinsiek prohibitief is voor wat de betrouwbaarheid van stemmen betreft.
De Kamer heeft de taak onverwijld de nodige stappen te nemen op  straffe van totaal verlies van integriteit en geloofwaardigheid.
Deze kwestie zou uiteraard moeten zijn opgelost voordat nieuwe verkiezingen zouden plaatsvinden.

Pieter Omtzigt heeft terecht afstand genomen van een gezelschap dat enkele maanden bezig is geweest met het testen van de democratische nieren van de heer Wilders zonder dat dit een voor hem aanvaardbaar resultaat heeft opgeleverd.
De grote problemen die op directe aanpak wachten bleven liggen omdat het gezelschap wilde filosoferen over het soort kabinet dat zij voor ogen hadden.
Dat het geld dat voor realisering van de diverse partijprogramma’s niet aanwezig blijkt te zijn, kwam pas op de valreep aan de orde.    Het verslag van de informateur kan dan ook gezien worden als de afspiegeling van een gezelschap dat het vermogen mist om samen het landsbelang te beschrijven en te dienen.

Inmiddels is de heer Kim Putters als nieuwe informateur bezig geweest met het formeren van een kabinet met een lossere binding met de Kamer. Zijn verslag wordt over enkele dagen verwacht.

Zolang echter het misbruik van stemrecht niet is beëindigd blijft de situatie hoogst ongemakkelijk, want de bestaande situatie maakt het immers mogelijk dat alle macht in het parlement in handen komt van één persoon die zich twintig jaar lang tot op heden onherroepelijk tegen de democratie heeft verklaard.
Indien er verkiezingen zouden worden gehouden vóórdat deze situatie is geëindigd, zal de torpedo van het stemmisbruik het schip van Staat midscheeps treffen en wordt het een jammerlijk pompen om niet te verzuipen, met bovendien de kans dat de pompen wegens gebrek aan onderhoud, weigeren.

Bijgewerkt 22 oktober 2024